De prestatiebeurs

De studiefinanciering voor studenten van het hbo en universitair onderwijs valt onder de zogehete prestatiebeurs. Dit betekent dat de studiefinanciering die een student niet vrijblijvend is, maar er een prestatie wordt verwacht voordat dit geld daadwerkelijk wordt om gezet in een gift. Onder de prestatiebeurs vallen de basisbeurs, een eventuele aanvullende beurs en het studenten reisproduct. Tijdens het studeren kun je de prestatiebeurs zien als een voorlopige lening, die stimuleert om een diploma te behalen.

Hoelang heb je er recht op?

Afhankelijk van de opleiding is de prestatiebeurs tussen de 3 en de 6 jaar. Doe je alleen een bachelor, dan krijg je 3 jaar prestatiebeurs, doe je echter na die bachelor nog een 3 jarige master, dan krijg je in totaal 6 jaar prestatiebeurs. Voor de meeste studenten geld dat ze 4 jaar prestatiebeurs krijgen, met een hbo bijvoorbeeld of een bachelor met 1-jarige master.

Stok achter de deur

De voorwaarde van de prestatiebeurs om een gift te worden is dat een diploma gehaald wordt. Haal je binnen 10 jaar een diploma, dan wordt dit deel van de prestatiebeurs een gift. Ook de voorlopige lening van het studenten reisproduct wordt dan een gift. Haal je echter geen diploma dan wordt de voorlopige lening een uiteindelijke en moet het volledige bedrag worden terug betaald.

Omzetting

Het aantal jaren dat wordt omgezet in een gift is afhankelijk van de waarde van je diploma, zo staat een bachelor voor 3 jaar beurs, en een 1-jarige master in totaal voor 4 jaar beurs, en een 2-jarige master voor 5 jaar beurs. Zo kan het dus zijn dat een deel van de door jou ontvangen beurs niet wordt terugbetaald als je uitloopt met de studie. Is het zo dat je binnen 10 jaar een diploma behaalt dan wordt het een gift, deze omzetting vind plaats in de maand januari van het jaar nadat je het diploma hebt gehaald.

Picture: Jasper Grahl – Fotolia

Posted in Studeren | Tagged , , , | Comments Off

De Harde Knip

Een van de geplande veranderingen komend studiejaar is de ‘harde knip’. Dit houdt in dat de overgang van bachelor naar master strenger wordt. Studenten moeten hun bachelor volledig hebben afgerond op het moment dat zij doorgaan naar hun master. De maatregel sluit aan bij de Europese richtlijnen dat voor iedereen dezelfde toelatingseisen gelden om een master binnen te komen.

Wat het is

Het houdt dus in dat de bachelor student alle punten behaald dient te hebben, alvorens hij of zij een master mag instromen, ook als deze aan dezelfde opleiding is. Momenteel is het zo dat alle bachelor opleiding op zijn minst een doorstroom masteropleiding hebben. Doorstromen kan ik vrijwel alle gevallen zonder dat de student alle punten behaald heeft voor de bachelor. De meeste opleidingen hanteerden al wel een maximum aan openstaande studiepunten voor deze doorstroom. Dit systeem wordt ook wel de ‘zachte knip’ genoemd. Met het invoeren van de harde knip betekent het dus dat iedere student ook bij een doorstoom master alle punten moet hebben.

Uitzonderingen

Uitzondering kunnen echter ook onder de nieuwe wetgeving wel gemaakt worden. Instellingen moeten er namelijk voor zorgen dat wanneer een student vertraging opgelopen is die niet aan hem of haar zelf lag, er een uitzondering gemaakt moet worden. Deze uitzondering vallen onder de beoordeling van het bestuur van de universiteiten. De examencommissie van de instelling bepaalt dit uiteindelijk. Voorbeelden van legitieme redenen zijn situaties als ziekte, familieomstandigheden, stoornissen, handicaps en zwangerschap.

Het doel

Het doel van de maatregel is dat studenten een bewustere keuze gaan maken voor hun master. Het is nu zo dat ongeveer 85 procent van de studenten na hun bachelor doorstroomt naar een master aan de eigen opleiding. De nieuwe maatregel zou ‘keuzes vanuit gewoonte’ iets bewuster moeten maken. Daarnaast zou het van groot belang zijn voor de intensiteit en de kwaliteit van de master opleidingen dat studenten zich puur en alleen hierop concentreren en niet op vakken die zijn blijven liggen uit de bachelorfase.

IMG: Rudyanto Wijaya – Fotolia

Posted in Studeren | Tagged , , , | Comments Off

Master studenten krijgen het moeilijk

Het is duidelijk dat de regering fors gaat bezuinigen op studiefinanciering. Vanaf komend studiejaar ontvangen studenten geen basisbeurs meer in de masterfase van hun studie. Hiervoor in de plaats komt een leenstelsel waarbij de student in deze periode van zijn of haar studie meer kan lenen. Deze maatregel brengt een groot aantal studenten in financiële problemen, aangezien een masterstudie vaak zo intensief is dat er niet er niet genoeg tijd overblijft om voldoende bij te verdienen. Daarnaast wordt de prijs voor het volgen van een tweede master een stuk hoger, vanaf volgend studiejaar betaald iedere student hiervoor het gebruikelijk instellingsgeld.

Het leenstelsel

Om studenten toch te blijven stimuleren om een master te gaan doen, verruimd de regering het leenstelsel voor master studenten en de aanvullende beurs blijft wel bestaan. Vanaf 1 augustus 2012 verandert de aanvraag van een basisbeurs direct in de aanvraag van een lening. Dit betekent dat het bedrag niet onder de ‘voorlopige’ lening valt, maar onder de permanente lening. Het exacte bedrag van deze lening is voor alsnog onduidelijk, maar het zal waarschijnlijk rond de grootte van de voormalige basisbeurs liggen, dit wordt komend studiejaar voor uitwonende studenten 3.200 euro per jaar. Voor thuiswonenden is dit bedrag lager, en komt uit op 1.200 euro per jaar.

De tijdsspanne

Tijdens de nominale duur van de master ontvangen studenten dus geen basisbeurs maar wel een aanvullende beurs. Bij uitloop vervalt echter ook de aanvullende beurs. Het reisproduct geld tijdens de nominale fase en maximaal 1 jaar uitloop. Het wettelijke collegegeld betaalt de student tijdens de nominale fase en 2 jaar uitloop. Daarna moet ook het instellingsgeld betaald worden. Ten slotte is er het leenrecht dat tijdens de nominale fase en 3 jaar uitloop geldt.

Aan een extra master hangt een prijskaartje

Ten slotte betaalt ieder student die vanaf volgend studiejaar een tweede master begint niet het wettelijk collegegeld maar het instellingsgeld, dit kan in veel gevallen op lopen tot zo’n 17.000 euro per jaar, dit afgezet tegen de 1.700 euro van het huidige collegegeld werpt dit uiteraard voor de meeste studenten een grote drempel op om twee studies te doen. Aangezien dit voor de meeste studenten een te grote financiële stap zal zijn om te maken.

Image: raven – Fotolia

Posted in Studeren | Tagged , , , | Comments Off

Maatregelen van het kabinet financiering hoger onderwijs 2012-2013

Vanaf september 2012 treden er diverse nieuwe maatregelen inwerking omtrent de financiering van het hoger onderwijs en studenten. Wettelijk gezien staan deze maatregelen los van elkaar, maar in de praktijk kunnen ze elkaar beïnvloeden en versterken. Veel studenten zullen het komende studiejaar met een of meerdere van deze maatregelen te maken krijgen. Hier alle maatregelen op een rij.

Basisbeurs en reisproduct

Gedurende de masterfase ontvangen studenten vanaf komend studiejaar geen basisbeurs meer. De basisbeurs wordt volledig beperkt tot de nominale periode van de bachelor opleiding. Wel kan een student blijven lenen tegen een gunstig rentetarief. Ook het reisproduct kan de student gedurende de masterfase behouden.
De lengte van het studenten reisproduct wordt ingekort. In het huidige systeem krijgt de studie zijn of haar reisproduct gedurende de nominale fase van de studie, zowel bachelor als master en dan nog 3 jaar extra. In het nieuwste studiejaar zal dit veranderen. De extra tijd buiten het nominale gedeelte wordt teruggebracht van 3 jaar tot 1 jaar.

Langstudeerboete

Komend studiejaar wordt tevens de langstudeer boete ingevoerd. Deze boete bedraagt 3.000 euro. Studenten die 1 jaar extra over of hun bachelor, of hun master doen dan nominaal krijgen deze opgelegd. Dit geldt ook voor studenten die nu al te lang studeren en komend studiejaar hun diploma halen. Voor ieder deel van de studie, zowel bachelor als master geldt 1 jaar uitloop zonder boete. Echter wanneer een student tijdens de bachelor nominaal loopt betekent dit niet dat dit jaar doorschuift naar de master.

De harde knip & collegegeld

De zogenoemde ‘harde knip’ is een maatregel die de bewegingsvrijheid tussen bachelor en een andere master moet bevorderen. Tevens moet het bijdragen aan het alleenstaande karakter van een bachelor diploma. Concreet betekent het dat bachelor studenten hun volledig aantal punten moeten gehaald hebben voordat ze door kunnen stromen naar een master, ook als deze aan dezelfde instelling is.
Vanaf september 2012 financiert de overheid nog meer een opleiding. Heeft de student een bachelor en een masteropleiding afgerond, dan moet deze voor een nieuwe bachelor of master het instellingsgeld betalen. Dit bedrag is vele malen hoger.

Foto: Robert Kneschke – Fotolia

Posted in Financering | Tagged , , , , | Comments Off

Studiefinanciering – alles wat je moet weten

Studiefinanciering, in de volksmond ook wel ‘stufi’ genoemd is de financiële ondersteuning die Nederlandse, of in Nederlandse studerende studenten ontvangen van de Nederlandse overheid. Er is politiek altijd veel te doen geweest om deze bijdrage aan studenten. Een aantal jaren geleden is er een aantal verandering doorgevoerd, onder andere is er de prestatiebeurs ingevoerd. De nieuwste hervormingen, de ‘harde knip’, de boete voor langstudeerders en de voorwaarden rondom een tweede studie zijn onder enorme kritiek van zowel studenten als het wetenschappelijk personeel komen te staan.

De basisbeurs

Iedereen die het recht heeft op studiefinanciering, krijgt een basisbeurs. Deze beurs is onafhankelijk van het inkomen van de ouders. Of de student thuiswonend of uitwonend is, maakt wel uit voor de hoogte van dit deel van de beurs. De basisbeurs valt onder de zogehete prestatiebeurs. Dit houdt in dat de student moet ‘presteren’ om de ontvangen studiefinanciering niet terug te hoeven betalen. Hiervoor moet de student binnen 10 jaar een diploma halen. Duurt dit langer, verandert de basisbeurs in een lening in plaats van een gift. Zowel studenten op hbo, WO, als mbo hebben recht op de basisbeurs. Gaat een studente van het mbo naar het hbo heeft deze nog een keer recht op de basisbeurs.

Het reisproduct

Studenten ontvangen naast een basisbeurs, ook een studenten reisproduct. Hiermee kunnen zij kosteloos door heel Nederland met het openbaar vervoer reizen. Hierbij kan de keuze gemaakt worden voor een weekabonnement of een weekendabonnement, deze zijn respectievelijk tijdens de werkweek en het weekend geldig. Op het andere gedeelte zonder vrij reizen geldt 40 procent korting. Wanneer de studiefinanciering stopt, eindigt het reisproduct ook. Ook het reisproduct valt onder de prestatiebeurs. Dit betekent dat het reisproduct een gift is, indien er binnen 10 jaar een diploma behaald wordt door de student. Ook na het einde van de officiële studiebeurs, kan de student kosteloos gebruik blijven maken van het reisproduct onder de zogenoemde nullening. Ook dit valt onder de prestatiebeurs. Vanaf August 2012 mag dit nog 1 jaar extra, voorheen was dit 3 jaar.

Recht op studiefinanciering en terugbetalen

De studiefinanciering is voor alle leerlingen aan het mbo boven de 18 jaar en alle studenten aan het hbo en WO boven de 18 jaar. Het recht op studiefinanciering vervalt als een student teveel geld verdient, dit maximale bedrag ligt momenteel rond de 13.000 euro.
De rente voor het deel van de studiebeurs dat onder uiteindelijke lening valt, moet met een rente van 1,5 procent worden terugbetaald. Het aflossingbedrag dat minimaal betaald moet worden is gebaseerd of een afbetaling van 15 jaar, op basis van het inkomen kan dit lager zijn. De schuld wordt, afbetaald of niet, na 15 jaar kwijtgescholden. Vanaf 2012 zal het mogelijk zijn om de terugbetaling tijdelijk stop te zetten. Wel blijft de rente lopen tijdens die periode.

Foto: Robert Kneschke – Fotolia

Posted in Financering | Tagged , , , | Comments Off